Luc Dewaele, dagboek

Over fotografie en leven.

Category: Indonesia

Guided reinvention of an archive (14)

(20120103)

Guided reinvention of an archive (13)

(20120102)

Guided reinvention of an archive (12)

(20120101)

Guided reinvention of an archive (11)

(20110712)

Guided reinvention of an archive (10)

(20100511)

Guided reinvention of an archive (9)

(20110705 – Flores, the most beautiful people on earth)

Guided reinvention of an archive (7)

(20110704, Bimesa mission)

Guided reinvention of an archive (3)

(20120102)

A book

I just published a book in the Blurb-bookstore. It’s about non-profitable love, about being poor and still quite honest, ignorant and amiable. It’s about goodwill and obstacles. It’s about people, looking for help. And about a simple photographer telling this story.  (If you want to, check http://www.bimesa.wordpress.com. Ordering a book will help them help).

For a preview:

http://www.blurb.com/b/4147835-bimesa-bajawa-flores-2011

Schermafbeelding 2013-03-25 om 16.49.32 20130325_dagboek__LDW1302LD 20130325_dagboek__LDW1303LD

 

Over de Kunst, van het doodzwijgen.

Ooit koesterde ik het idee dat Kunst blikverruimend zou werken. Op de ziel, op de uitwegen, op het believen. Ik was er op relatief jeugdige leeftijd al bang voor dat ik dit denkbeeld vroeg of laat zou moeten loslaten, omwille van evidente redenen: de toets met de realiteit herbergt ook enig benul van waarheid. Een inmiddels beroemde Zuidwest-Vlaams kunstenaar vertrouwde mij ooit toe –wij waren beiden kunststudent- dat ‘een kunstenaar in de Loge geboren werd’. Toen lachte ik deze uitlating onzeker weg. Nu, een forse 25 jaar later, weet ik dat elk woord dat hij verkondigde de kracht van een onblij evangelie had. Meer nog: het was pure profetie voor (het gebrek aan) menige loopbanen. Een kunstenaar wordt niet aleen geboren in de schoot van een besloten kring; hij wordt ook gepokt en gemazeld door het systeem van het kunst-vermarkten. De art-to-businessplannen (and back) zijn beklemmend en ontnuchterend en bovenal, uit-sluitend. En, je raadt het al, morele codes hierbij zijn uiterst rekbaar. De uitverkiezing tot uniek kunstenaar is geënt op egocentrische limieten : een klein ego maakt geen kans om uit zijn zolderatelier te breken. Soms denk ik daarbij nog eens aan pakweg Marc Maet. Maar dat kwalificeert men als ‘nostalgie’. Vermoed ik. Een gesloten dossier, laudatio temporis acti. En een webstek die al 4 jaar niet geüpdatet werd.

In deze wereld durf ik rondkijken. Het kijken brengt weinig tastbaars op, behalve wat inzicht in wat toch al duidelijk is voor wie met de gave van nuchterheid geboren is. En voor wie bereid is een vorm van ontnuchtering te ondergaan. De kunstwereld is een geëxpliciteerde, afgeleide versie van het ‘ware’ leven zoals het gewild is. Door recensenten, experten, mediamakers, mistgrauwe kunstdocenten. De mensen, die op de kruispunten staan en stilzwijgend beslissen over de beschikbare plekjes in exporuimtes.

Klooster, Bajawa.

Zeer onlangs werd ik bevangen door een ronduit geweldige overtuiging : die van de intentionele stilte. Stel dat ik trots kan zijn omdat ik een kunststukje niet gezien heb, er geen aandacht aan geschonken heb, er zo maar in de lentezon voorbij gewandeld ben. Stel dat ik het voornemen voed om geen mening te hebben omtrent  de bezetters van tal van kunstplatformen. Geen visie, geen opinie, geen notie, geen verstand. Als een denkbeeldloos wezen dat de communiemaaltijd toch bewust afslaat. En die, –wat heet erger- er zich dan ook nog goed bij voelt. Geen deelgenoot meer in de heiligende  inwijdingsverhalen. Geen geloof meer in het demodiscours van de kenners. Een bevrijding dus. Zonder een prijs te betalen. Of toch, die van het ongenoemd zijn en ongeroemd blijven.

Ik vraag mij meteen af of in het kinderlijk herbeleven van de ontspiegelde werkelijkheid iets te rapen valt voor pakweg een eenvoudig fotograaf. Ik denk van wel. Jij denkt : een handvol ‘verwondering’ zal alweer zeggenschap moeten verlenen aan ‘goede’ beelden. Je hebt gelijk. Een beetje eerlijk fotograaf heeft niets anders dan de substantiële verwondering om  er op te teren. Tenminste als het waarlijk over zijn beelden gaat. Natuurlijk kan hij zich omringen met academische figuren, maar wat verandert dit binnengelaten parasitaire vergroeisel essentieel aan zijn beeldtaal? Weliswaar als de kunstenaar een oprecht individu is?

Laat mij het voorstellen als een bijna-levend ervaring. Je stapt de wereld in, zelfzeker en niet arbeidzaam op zoek naar wie je (denk)beelden kan (be)grijpen. Je slaat met verve de zaai- en oogsttijd van je emplooi over. Metterdaad en met een voornemen om je bevrijding elke dag opnieuw te vieren. Zoals teugels en sporen. Vraag die vanzelf rijst : waar sta je dan als kunstenaar, als vakman, als liefhebbende verkenner in het wereldje? Kort en bot : nergens. De derving van een (lokaal) netwerk betekent meteen ook een gewild forfait als kunstenaar op de meer praktische echelons. Lege exporuimtes blijven volgeboekt, de goedheid van lokale publicaties blijft onzindelijk, naamsvermeldingen blijven toevallig altijd achterwege. Maar waarom getreurd als een beter alternatief voetstoots voor het oprapen ligt?

Wachten zonder verwachting.

Wachten zonder verwachting.

Ik heb het medium ‘fotoboek’ ontdekt. ‘Rijkelijk laat’, lees ik nu in je gedachten. Dat klopt. Tot voor kort beschouwde ik het boek als een kroon op het werk, als een spoor van artistieke dienstbaarheid, als een papieren toonmoment aan de kunstexperten. Ook als een gesponsorde blijk van erkenning, vanwege die experten. Ante- en post-mortem, als bewijs van blijvend lidverwantschap. Het boek van een kunstenaar, als het nieuwste evangelie, in een reeks van vele edities. Als latrinair teken.

Aspecten van de drager ‘fotoboek’ die ik verzuimde te begrijpen, liggen echt voor het grijpen; ik reik er een stuk of wat aan, op zakelijke wijze.

Eén: je maakt je boek aanstonds, als uitvloeisel van je beeldmateriaal, in de workflow van je inspiratie. In de dynamiek van je denkbeelden, in de verstomming rond je verwondering.

Twee: jij bepaalt zelf je zuurtegraad bij het (niet) bijsnijden van beelden. Je schikt en wikt de bladspiegel, de papier-grammage, formaten en verhoudingen en texturen.

Drie: de maakprijs is een milde schram op je kostenplaatje. Uiteraard blijft een boek quasi onverkoopbaar: welke berekenende liefhebber geeft er nu 150 euro of daaromtrent uit, voor een boek met 573 prenten en 236 pagina’s? Omgerekend 0,26178010471204 euro per beeld. Onverantwoord toch. Van een onbekend auteur, van een zekere leeftijd bovendien..? De maker zelf blijft een gelukkige en eenzame god in zijn eigen beeldenrijk.

Vierde punt, om het koopmanspraatje af te maken : het medium ‘boek’ werkt langdurig bevrijdend. Het is een product zonder vervaldatum : het bevrijdt van ontgoochelingen en azijngevoelens, tot in lengte van dagen. Het boek ligt op de salontafel, wordt achtergelaten in leraarskamers, krijgt een patine van kindervingers, verdwijnt tussen familie-albums en kookboeken. Maar niemand die treurt : het boek heeft de hoedanigheid van een traagwerkend antidotum vervuld.

Dit alles om gewoon te zeggen: ik heb een boek gemaakt. En ik ben er zo blij mee dat ik er meteen twee stuks van gemaakt heb. Allebei om te koesteren en weg te schenken. Als boeken een andere werkzaamheid hebben dan het louter delen, zeg het mij. En zwijg het niet dood.

Een fragmentair verslag van wie wacht en verwacht.

Een fragmentair verslag van wie wacht en verwacht.

Drieling. (Nu nog adoptanten vinden)

eersteling

tweedeling

mens toch

Mijn ambitie – het verwekken van een drieling- voor 2013 is al een feit. Nu nog adoptieouders met kapitaal vinden. Of gewoon mensen zoeken, die willen kijken in boeken, naar beelden.

Misschien bewerkstellig ik daarna nog een achterkomertje, misschien.

HIV gewenst in 2013!

Hartverwarming, Inventiviteit, Verlangen. Wat kan ik U meer wensen?

(Een graai uit het komende aanbod: een antidotum, entstof, schadeloospillen,….)

Kunstdocenten en koi-karpers : één strijd om brokken.

achterflapklap.

Femina (?) fatalis.

Mangarrai Station Jakarta.

Even wat uitproberen voor mijn boekwerkje over Java : beelden met een ‘film noir’-toets, klassiek kleur, met en zonder randje,… alle geneugten van Lightroom laten bezinken. Uw gewaardeerde inbreng in deze kwestie wordt niet weggelachen. Ik rook u misschien wel uit.

Femina timida

femina timida

Femina pia.

Een vrouw.

Indonesia revisited (2)

_DSC9002LD

_DSC9053LD

_DSC8084LD

_DSC8067LD

_DSC8070LD

Petitor aeternus.

_DSC9197LD

_DSC9181LD

_DSC9200LD

_DSC8966LD

Indonesia revisited.

_DSC8931LD

_DSC8603LD

_DSC8576LD

Verborgen.

Omtrent de weinig clowneske tegenwoordigheid van een fotograaf. (Die ogen verbergt om het universele karakter van het beeld te versterken).

_DSC8678LD