Vergissen doe je je niet. Een bewoner van een bejaardenbehuizing. Een plek met witte muren, een TV met de ‘défilé’ en veel zondagse stilte op een maandagse feestdag. Repetitie voor het ‘allenige’ heengaan. De dame is inderdaad in haar jaren afgedaald: de nonnen in de naaischool, de loopbaan als poetsdame, het voortijdig verlies van een kind. Alles vergaard in één beeld. In één ontmoeting, op een ongepland moment. Ik hoop dat er voor mij een andere aanvliegroute uitgestippeld is, met zicht op de eeuwigheid.
Ecce homo.
Waar ben ik?
Wie is deze dame?
Ik teken haar op het blad van de tijd.
Ooit was zij een kind
met een speld in heur haar.
Zij daalde af in haar vergeten jaren.
Had zij ‘een gesteld lichaam’?
Of leefde zij eerder
in de ondraaglijke lichtheid van haar bestaan.
PS.
Haar ogen staan nog opmerkelijk helder.
Met een speelse tinteling.
Maar de kamer verraadt mij een ander leven.
Hoewel ik mij kan vergissen.
Dat is één van mijn voornaamste eigenschappen.
Vergissen doe je je niet. Een bewoner van een bejaardenbehuizing. Een plek met witte muren, een TV met de ‘défilé’ en veel zondagse stilte op een maandagse feestdag. Repetitie voor het ‘allenige’ heengaan. De dame is inderdaad in haar jaren afgedaald: de nonnen in de naaischool, de loopbaan als poetsdame, het voortijdig verlies van een kind. Alles vergaard in één beeld. In één ontmoeting, op een ongepland moment. Ik hoop dat er voor mij een andere aanvliegroute uitgestippeld is, met zicht op de eeuwigheid.
Be prepared.
Ik maak mij geen illusies.
Het moment nu is het leven.
Maar ik wens je een veilige vlucht.
De Tuinman reed te paard naar de Dood.
In Ispahaan.
.